De boosheid voorbij?

Zondag 30 april, voor veel van ons nog de “eigenlijke Koninginnedag”, was de ene mooie warme zonnige dag deze week. Een goeie reden om er eens even lekker uit te gaan. En dat zijn mijn vrouw en ik dan ook gaan doen: uitgebreid wandelen langs de Maas in Roermond. Op enig moment zie je dan het Designer Outlet Centre liggen waar in de week ervoor een compleet nieuwe wijk is geopend. Dus, gedreven door nieuwsgierigheid, zijn we ernaartoe gelopen, ondanks dat het een goed-weer-zondag was en je dus kon voorspellen dat het hutje-mutje vol zou zijn. Was het inderdaad. Maar dat gaf niks want we kwamen toch alleen maar om een blik te werpen, verder hoefden we niks.

En dan opeens toch die verbazing. Tenminste bij ons, anderen vinden het misschien heel gewoon. Bij diverse winkels staan mensen in de rij. Om een winkel binnen te gaan! Zelfs bij zoiets onnozels als Starbucks, alsof dat de enige plek is waar drinkbare koffie te krijgen zou zijn. Maar toen ik de rij zag op de bijgevoegde foto was ik het helemaal kwijt. Of eigenlijk begon het me te dagen. Kleren zijn al gepromoveerd van iets wat een primaire levensbehoefte is naar het niveau van status symbool. Maar in wezen heb je sowieso nog altijd kleren nodig, ook als je er moeite voor doet om kleren te kiezen met als doel anderen de ogen uit te steken. Dus zelfs al vind ik het zelf debiel, ik kan me er nog een beeld bij vormen dat mensen in de rij gaan staan om zo’n exclusief stuk te bemachtigen (denk trouwens even na: als er een rij staat, dan is het niet meer exclusief) en er meer geld voor willen neertellen dat het waard is. Maar bij het onderwerp zonnebril wordt het belachelijk. Dus als je in de rij gaat staan om een winkel binnen te komen waar ze alleen maar zonnebrillen verkopen, dan heb je je laatste hersencel thuis gelaten. En eigenlijk is het een signaal, een reden waarom de PVV ondanks de winst toch een tegenvallend verkiezingsresultaat had. Partijen als de PVV moeten het hebben van onvrede onder de mensen, onvrede die meestal het pijnlijkst naar voren komt in de financiële situatie. Mensen die niet genoeg geld hebben om rond te komen, hebben geen vertrouwen in de politiek zoals die was toen zij in hun ongelukkige toestand terecht zijn gekomen. Deze mensen zijn per definitie gevoelig voor “het moet helemaal anders”, ook al zijn ze eigenlijk totaal niet geïnteresseerd in politiek. Dat werkt ook omgekeerd: vanaf het moment dat er weer voldoende geld binnenkomt interesseert de politiek niet meer, want “de elite” kun je toch niet vertrouwen, nietwaar.

En als er rijen, ja rijen, staan voor winkels waar totaal niets nuttigs wordt verkocht en overbodige dingen voor veel te hoge prijzen als zoete broodjes over de toonbank gaan, wat zegt dat dan over hoe het gesteld is met het besteedbaar inkomen in Nederland? Zou het zomaar kunnen dat de verkiezingen voor de PVV net 1 à 2 jaar te laat zijn gekomen en dat een groot deel van onze samenleving weer financiële ademruimte heeft?

Plaats een reactie