Wetenschappers en het wantrouwen

Zo halverwege maart 2017 kwam het bericht dat er veel meer pinguïns op Antarctica leven dan tot nu toe was aangenomen. Goed nieuws, niet alleen voor de pinguïns. Het is vooral goed nieuws voor het imago van wetenschappers: het toont eens te meer aan dat wetenschappers gewoon, zonder verborgen agenda, berichten over wat ze tegen komen. Als dat is dat uit bevindingen blijkt dat er steeds minder pinguïns leven, dan is het dat. En als ze ontdekken dat er waarschijnlijk toch veel meer pinguïns rond waggelen, dan is dat de bevinding en wordt ook dat gerapporteerd. Zij doen niet verslag van hun bevindingen met als doel de publieke opinie een bepaalde kant uit te manipuleren, ze doen verslag van hun bevindingen omdat dat hun bevindingen zijn. En als dat betekent dat we dus andere conclusies moeten trekken dan tot dusver, dan is dat zo. Wetenschappers zijn de eersten die zullen toegeven dat ze eerst de verkeerde conclusies trokken op grond van de feiten die tot dusver bekend waren. Dat maakt wetenschap juist wetenschap: vooruitgang op grond van nieuwe feiten. En dat proces staat niet stil.

http://www.nu.nl/dieren/4556028/zuidpool-telt-miljoenen-pinguins-meer-dan-gedacht.html

Met name politici, religieuze leiders en vertegenwoordigers van grote commerciële organisaties proberen de wetenschap in het verdomhoekje te plaatsen als die met feiten komt die niet in hun straatje passen. Bij commerciële organisaties gaat dan meestal om bedrijven in de sector brandstofwinning (olie boren en raffineren), farmacie en genotsmiddelen (alcohol en tabak). Voor hun is het belangrijk om de feiten die aantonen dat wat zij doen slecht is voor het milieu en/of voor de gezondheid, worden aangevochten en liefst van tafel geveegd als verzinsels van “leugenachtige wetenschappers met een dubbele agenda”. Religies hebben moeite met de ontwikkeling van onze archeologische en biologische kennis: als de mens een natuurlijke evolutionaire ontwikkeling is uit primitieve organismen van miljoenen jaren geleden, wat door alle beschikbare feiten wordt onderbouwd, dan is dat moeilijk te verenigen met een boek waarin staat dat de mens door een onzichtbaar maar alom tegenwoordig opperwezen is geschapen met een speciaal doel dat alleen dat opperwezen kent. En politici beseffen dat ze een grote portie van hun bestaansrecht danken aan financiering vanuit het bedrijfsleven en voor de rest aan de stemmen van kiezers. Kiezers die in grote getalen niets begrijpen van wat de wetenschap hen vertelt en voor wie het makkelijker is om zonder na te denken te geloven wat hun geloof hen voorschrijft. Dat deden namelijk hun ouders al, en hun grootouders en daar weer de ouders en grootouders van enzovoorts enzovoorts. Nog extra geholpen door het principe dat niet nadenken maar domweg geloven hierbij als een deugd wordt gezien in plaats van een grof schandaal.

Willen politici dit enorme potentieel aan stemmen achter zich krijgen, dan zullen zij dus op de momenten dat het uitkomt, de bevinding wetenschappers als leugens en fantasieën moeten bestempelen. En voor wetenschappers is het heel moeilijk zich daar tegen te verweren. Vaak omdat ze heel ver af staan van degenen die hun feiten als verzinsels bestempelen (een Braziliaanse politicus kan de bevindingen van een Zweedse bioloog ontkennen, maar of dat nieuws ooit die Zweed bereikt?). Maar nog belangrijker is het feit dat het de gewone mensen aan kennis ontbreekt om dit soort dingen op waarde te kunnen beoordelen. Veel mensen weten niet eens hoe een strijkijzer werkt, al zeker niet hoe een tablet in staat is om live beelden te vertonen, laat staan dat ze kunnen beoordelen of een koolstof datering van een opgegraven skelet klopt. Het gaat er dus om of we de wetenschappers moeten vertrouwen of eerder de politici, religieuze leiders of directies van oliemaatschappijen. Het is onvoorstelbaar hoe vaak dit in het nadeel van de wetenschap uitpakt. Want eigenlijk is bovenstaande vraag een “no-brainer”: wie heeft er een belang bij om feiten te ontkennen of anders voor te stellen en wie niet? De wetenschapper, die iets onderzoekt en vervolgens iets ontdekt en dat als feit wil presenteren, totdat andere wetenschappers andere feiten ontdekken waarna diezelfde wetenschap op basis van de nieuwe feiten hun conclusies trekken? Of degenen die er een belang bij hebben dat de uitkomst van het onderzoek ook dat geluid laat horen dat hun electoraat en/of klanten wíllen horen, omdat ze anders stemmen en/of geld verliezen? Het antwoord is te voor de hand liggend om op te schrijven.

Plaats een reactie